<< Previous Next >>

Plebeius optilete-Cranberry Blue


Plebeius optilete-Cranberry Blue
Photo Information
Copyright: Harm Alberts (Harm-digitaal) Gold Star Critiquer/Gold Note Writer [C: 108 W: 7 N: 1844] (7009)
Genre: Animals
Medium: Color
Date Taken: 2008-06-29
Categories: Insects
Camera: Canon EOS 40 D, Canon EF 180mm f/3.5L USM Macro
Photo Version: Original Version
Date Submitted: 2008-10-04 8:46
Viewed: 827
Favorites: 1 [view]
Points: 15
[Note Guidelines] Photographer's Note
Plebeius optilete / Cranberry Blue / Veenbesblauwtje / Hochmoor-Bläuling oder Violetter Silberfleckbläuling / Argus pervenche.

Het uiterst zeldzame veenbesblauwtje, dat leeft in Noord-Nederland bij kleine hoogveentjes in het bos, heeft een zeer korte vliegtijd.

Familie:
Blauwtjes (LYCAENIDAE)

Kenmerken:
Voorvleugellengte circa 14 mm. Bij het mannetje is de bovenkant van de vleugel diep violet-blauw. Het vrouwtje is bruin met een blauwe bestuiving op de achtervleugel en een klein oogje en een zilverkleurige rand langs de achterrand. Op de onderkant van de achtervleugel bevindt zich in de binnenrandhoek een opvallende, grote oranje met blauwe vlek; deze vlek is karakteristiek voor deze soort.

Gelijkende soorten:
-Staartblauwtje.

Voorkomen:
Een uiterst zeldzame standvlinder die alleen nog voorkomt op enkele hoogveentjes in Drenthe en Zuidoost-Groningen.

Biologie en ecologie


Habitat
Kleine, door bos omgeven veentjes op de zandgronden. Deze veentjes zijn te vinden op moerassige plaatsen met hoog- of trilveen en op verveende plasjes in bossen. De veentjes bestaan uit een combinatie van lagere, nattere delen waarin veenbes groeit en wat hogere droge ruggen met dophei.


Habitat – extra informatie
Vroeger vloog de soort ook op natte heiden zonder hoogveen waar wel de kleine veenbes in voldoende mate voorkwam en tussen veenmos groeide. De optimale grootte van het leefgebied ligt tussen de 0,8 en 2 hectare. Dit soort gebiedjes zijn echter elk op zich te klein om een zelfstandige populatie te herbergen. Deze soort heeft daarom, net als de veenbesparelmoervlinder, een netwerk nodig van verschillende geschikte terreintjes waartussen uitwisseling kan plaatsvinden. Mogelijk zorgt de bosrijke omgeving voor een gunstig microklimaat. Bovendien overnachten de vlinders vaak in de bomen van het bos rond de veentjes.
Tussen 1941 en 1963 vloog bij Norg een populatie in een vrij droog open bos. De waardplant was daar rode bosbes. Dit biotoop komt meer overeen met dat in Scandinavië en de Alpen. Deze vindplaats lag op drie kilometer afstand van het Langaar- en Doktersveen. Deze venen zijn in die periode veel bezocht omdat daar een populatie van de veenbesparelmoervlinder zat; het veenbesblauwtje is daar echter slechts eenmaal gezien.


Waardplanten
Kleine veenbes; mogelijk ook kraaihei.


Waardplanten – extra informatie
In het buitenland (en vroeger bij Norg in Drenthe) leeft deze soort in drogere biotopen en worden de eitjes afgezet op rode bosbes en kraai-, dop- of lavendelhei.


Mobiliteit
Het veenbesblauwtje is een weinig mobiele vlinder. Toch suggereren waarnemingen van zwervende vlinders en tijdelijke populaties op geïsoleerde geschikte plaatsen, dat hij incidenteel behoorlijke afstanden kan afleggen. Zo is in het Fochteloërveen (Friesland) in 1995 en het Balloërveld bij Assen (Drenthe) in 1983 een veenbesblauwtje gezien, terwijl de dichtstbijzijnde populatie op ruim twintig kilometer afstand lag.


Vliegtijd en gedrag
Begin juni-eind juli in één generatie. De vlinders besteden ongeveer negentig procent van hun actieve periode aan het zoeken van nectar; de nectarplant is vrijwel uitsluitend gewone dophei. De mannetjes verdedigen een territorium boven vegetaties met dophei en vliegen vooral 's morgens.


Uiterste vliegdata
De uiterste vliegdata zijn 7 juni en 9 augustus.


Levenscyclus
Rups: half juli-begin juni. Jonge rupsen eten van de bladeren van de waardplant. De soort overwintert als halfvolgroeide rups in het veenmos of tussen afgevallen bladeren. Na de overwintering eten de rupsen van dejonge uitlopers of de vruchtbeginsels van de waardplant. De verpopping vindt plaats onder een blad.


Levenscyclus en gedrag – extra informatie
ei-afzet
De afzetplaatsen van de eitjes liggen doorgaans in een laagte in de vegetatie. Het vrouwtje zet de eitjes op verschillende delen van de veenbes af, zoals de stengel of de onderkant van een blad.

rups en verpopping
De rupsen voeden zich aanvankelijk met de bladeren en overwinteren halfvolgroeid in het veenmos of soms tussen afgevallen bladeren. In mei worden ze weer actief. Zij eten dan de jonge uitlopers of de vruchtbeginsels, waarvan eerst de nog gesloten bloemkroon zorgvuldig wordt afgeknaagd, waarschijnlijk omdat hier schadelijke stoffen inzitten. De rups verpopt zich onder een blad van de waardplant. Het veenbesblauwtje heeft - in tegenstelling tot de andere soorten van dit geslacht - geen relatie met mieren.

vlinders
In juni en juli vliegen de vlinders. Zij besteden relatief veel tijd aan voedsel zoeken: circa 90% van de dag. De nectarplant is vrijwel uitsluitend gewone dophei. De dichtheid aan vlinders is gemiddeld tot hoog, circa 4 tot 64 individuen per hectare. De mannetjes verdedigen territoria boven vegetaties met dophei. In mindere mate zijn de mannetjes te vinden boven vegetaties met kleine veenbes, de meest gebruikte waardplant. Mannetjes hebben veel interacties met soortgenoten en andere vlinders. Zij vliegen vooral ´s ochtends en op een zonnige dag zijn ze al om een uur of acht actief. De meeste vlinders komen ´s ochtends uit de pop en de ontmoetingskans met een vers vrouwtje is dan het grootst. Vrouwtjes vliegen veel minder dan mannetjes en zitten het grootste deel van de dag stil.

Source:http://www.vlindernet.nl/vlindersoort_biologie.php?vlinderid=1078&vq=

Harm

livius has marked this note useful
Only registered TrekNature members may rate photo notes.
Add Critique [Critiquing Guidelines] 
Only registered TrekNature members may write critiques.
Discussions
None
You must be logged in to start a discussion.

Critiques [Translate]

Hi Harm,
Not a common subject and this is an excellent side-lit study showing well the details of the underside. I cannot translate your notes, and perhaps you explain it there, but I did not know that this species occurred naturally in the Netherlands. Thanks for posting this, I have added it to my favourites.
Alan

  • Great 
  • livius Gold Star Critiquer/Gold Note Writer [C: 179 W: 0 N: 300] (1169)
  • [2008-10-04 10:10]

Hello Harm
greats the colors of the composition. the butterfly perfectly in focusing on a background much neutral one that very puts in prominence the depth of the photo. optimal contrast and clear details.
Well done
Livio

  • Good 
  • ddg Gold Star Critiquer/Silver Workshop Editor/Gold Note Writer [C: 855 W: 23 N: 942] (5111)
  • [2008-10-04 11:27]

Bonjour Harm, super piqué!! de la fleur et du papillon, couleurs douces et harmonieuses et j'aime bien la composition. Que demander de plus!! Bravo , Didier.

  • Great 
  • crs Gold Star Critiquer/Gold Note Writer [C: 523 W: 0 N: 920] (3543)
  • [2008-10-04 11:41]

Hello Harm,

You have a very fine light in your photo showing so well the colors from butterfly's wings. Image is very sharp showing clearly the whole insect. Wings pattern can be very well seen and the contrast with the background looks great.

Thank you for sharing,
Cristian

Hi Harm

Good shot of this butterfly which is a species I have not seen before.
Good composition, POV and sharpness.

Chris

Hallo Harm,
Heel mooie vlinder. En heel goed gefotografeerd. Aangenaam licht en zachte tinten. Alles past bij elkaar.
Bedankt
Annick

Hi Harm,

I like the colour composition and very clear and fine shot.Excellent compo.,light and image is well framed.TFS.

regards
mohaimin

  • Great 
  • Alutka Gold Star Critiquer/Silver Workshop Editor/Gold Note Writer [C: 132 W: 42 N: 377] (1590)
  • [2008-10-05 10:17]

Hi Harm Alberts,
Excellent composition of this beautiful butterfly in good closeup!
The image is sharp with wonderful colour and details
good exposure and focus indeed.
Well done and TFS
Alina

Calibration Check
















0123456789ABCDEF