|
| [Note Guidelines] Photographer's Note |
Scientific classification
Kingdom: Animalia
Phylum: Chordata
Class: Mammalia
Order: Carnivora
Family: Felidae
Genus: Prionailurus
Species: P. viverrinus
Binomial name: Prionailurus viverrinus (Bennett, 1833)
Synonyms: Felis viverrina
The Fishing Cat (Prionailurus viverrinus) is a medium-sized cat whose habitat range extends through Indochina, India, Pakistan, Sri Lanka, Sumatra and Java. Its fur has an olive-grey color and dark spots roughly arranged in longitudinal stripes. The face has a distinctly flat-nosed appearance. The size is variable; while in India it is 80 cm, or 32 in, (and 30 cm, 12 in, tail), in Indonesia, it is only 65 cm, or 26 in, (25 cm, 10 in, tall). Indian individuals usually range up to 11.7 kg (26 lbs), while in Indonesia common weights are approximately 6 kg (13 lbs). They are stocky of build with medium short legs, and a short muscular tail of one half to one third of their head and body length.
Like its closest relative, the Leopard Cat, the Fishing Cat lives along rivers, brooks and mangrove swamps. It is perhaps better adapted to this habitat, since it swims often and skillfully.
As the name implies, fish is the main prey of this cat, of which it hunts about 10 different species. It also hunts other aquatic animals such as frogs or crayfish, and terrestrial animals such as rodents and birds. The inter-digital webs on its paws help the cat gain better traction in muddy environments and water, like other mammals in semi-aquatic environments.
Captive fishing cats can be seen at 22 different North American institutions. By December 2005, there were 72 fishing cats in these institutions. The largest captive group in North America, 15 cats, is found at the Rosamond Gifford Zoo in Syracuse, New York.
De vissende kat of viskat (Prionailurus viverrinus) is een wilde katachtige uit Zuidoost-Azië en India. Het is samen met de platkopkat (Prionailurus planiceps) de enige katachtige die een belangrijk deel van zijn voedsel in het water vindt. Door de korte poten, het lange lijf en de gevlekte vacht wordt de vissende kat soms vergeleken met de civetkatten. Daaraan heeft de soort ook zijn soortnaam viverrinus, dat civetkat betekent, te danken.
De vissende kat komt voor in de wetlands van Zuidoost-Azië. Hij komt voor van Pakistan, Noord-India, Nepal en Zuid-China zuidwaarts tot Sri Lanka, Sumatra en Java, tot een hoogte van 1525 meter in de Himalaya. De vissende kat is afhankelijk van water, en komt voornamelijk voor in waterrijke gebieden met dichtbegroeide oevers, als moerassen, meren, rivieren, traagstromende beken en rivierdelta's grenzend aan bossen, rietvelden en mangrovebossen.
De vissende kat is een solitaire jager, die 's avonds en 's nachts op jacht gaat. Overdag verblijft hij in dicht struikgewas of in een holle boomstam. De vissende kat eet voornamelijk waterdieren als vissen, schelpdieren, kikkers, kreeftachtigen als kreeften en krabben, waterinsecten, watervogels en slangen. Op het land vangen ze vogels en zoogdieren van muizen tot civetkatten, axishertenkalveren en varkens. Ook eten ze aas, bijvoorbeeld door tijgers achtergelaten kadavers. Hij vangt vissen en kikkers door in ondiep water te duiken en de dieren met de bek te vangen, of door langs de oever de dieren uit het water te slaan met de voorpoten. Het is een goede zwemmer, die brede rivieren kan oversteken.
De vissende kat krijgt 1 tot 4 jongen na een draagtijd van 63 tot 70 dagen. Na 10 maanden zijn de jongen onafhankelijk. De vissende kat wordt gemiddeld twaalf jaar oud.
De vissende kat heeft een korte, lichtbruine tot groenig grijze vacht met donkerbruine tot zwarte vlekken, die op de nek en het voorhoofd overgaan in donkere strepen. De flanken en de buik zijn lichter gekleurd. De staart is zwartgeringd. De poten zijn vrij kort. De klauwen hebben kleine, slecht ontwikkelde zwemvliezen. De vissende kat kan zijn tenen spreiden, waardoor hij zich makkelijker kan voortbewegen over drassige grond.
De vissende kat is een stevige katachtige met een lang lichaam en een korte staart. Het dier wordt 57 tot 85 centimeter lang en 4 tot 14 kilogram zwaar. De staart is 20 tot 33 centimeter lang. Mannetjes worden groter dan vrouwtjes: vrouwtjes worden gemiddeld 6 tot 7 kilogram zwaar, mannetjes 11 tot 12 kilogram.
De belangrijkste bedreiging voor de vissende kat is habitatvernietiging en watervervuiling. |
claudine has marked this note useful Only registered TrekNature members may rate photo notes. |
|